Wat deed ik toen ik mij niet gezien of gehoord voelde?

Standard

Een van de oorzaken of redenen waardoor het gedoe met mijzelf of in relaties ontstond is dat ik mijzelf niet gezien of niet gehoord voelde. Ik heb er lang last van gehad en soms steekt het nog wel eens de kop op. Soms schiet ik ineens in een soort ‘kramp’. In een oud patroon, waarin ik weer een klein meisje ben en ik niet krijg waar ik wel behoefte aan heb. En volautomatisch reageer ik als dat kleine meisje dat haar zin niet krijgt. Verongelijkt, geïrriteerd, verdrietig en soms boos, enzovoorts.

Anders dan ik misschien denk

Nu maken we allemaal in ons leven wel situaties mee waarin we ons niet gehoord of niet gezien voelen. Misschien denk je nu: Nou ik ken wel mensen die heel goed voor zichzelf zorgen en die er wel voor zorgen dat ze gehoord worden. Neem dan maar van mij aan, dat juist ook daaronder datzelfde patroon zit. Ook die ander voelt zich niet gezien en/of niet gehoord. Alleen is de aangeleerde reactie op het gevoel een andere dan die van jou.

Vechten, vluchten of bevriezen

We hebben in alle situaties die ons niet aanstaan en die ons raken drie manieren van reageren. Of we gaan vechten, of we vluchten of we ‘bevriezen’ (stokstijf blijven staan). Dit zijn drie overlevingsmechanismen van ons brein. Het zijn ook geen rustig overdachte en weloverwogen reacties, maar het is een volautomatisch patroon. Die reactie is een al jong aangeleerde reactie en in vergelijkbare situaties reageer je gelijk. Dat doe je omdat je hersens nu eenmaal associatief werken en op zoek gaan naar eerdere gebeurtenissen en ze vergelijken hoe je daar reageerde. Die reactie herhaal je en dat proces vindt meestal volkomen onbewust plaats.

Ander verwerkingsmechanisme

Dat betekent dat iemand die de behoefte heeft om gezien te worden en die niet krijgt wat hij of zij wil en die aangeleerd heeft om te vechten, anders zal reageren dan iemand die geleerd heeft om te vluchten. Het lijkt dan dat degene die vecht beter voor zichzelf zorgt. Op een bepaalde manier zou dat ook zo kunnen zijn, maar het onderliggende patroon en de onderliggende behoefte van het kleine kind in jezelf wordt niet gezien. En daar wordt ook niet aan tegemoet gekomen. Wees je er daarom maar bewust van dat de volgende keer als je ziet dat iemand heel nadrukkelijk en misschien zelfs een beetje agressief voor zichzelf zorgt ook last heeft van dit patroon. Alleen is zijn of haar verwerkingsmechanisme anders.

Er tussenin

Zelf zat ik er wat tussenin. In de ene situatie kon ik soms nogal overreageren en in andere situaties ging ik de confrontatie liever uit de weg. Dat kan dus ook nog. Dat je afhankelijk van de situatie anders reageert. Mijn reactie is dan niet altijd in elke situatie gelijk. Wat natuurlijk voor de omgeving wel weer heel onvoorspelbaar is.

Niet effectief

Zowel overreageren als het uit de weg gaan zijn beide niet de meest effectieve manieren om met mijzelf en de situatie om te gaan. Ze zorgen er uiteindelijk ook niet voor dat ik echt gezien of gehoord word. In het ene geval lijkt het er misschien op dat ik goed voor mijzelf zorg, maar door deze manier van reageren stoot ik op de lange termijn mensen van mij af. Als ik de confrontatie met mijn gevoel uit de weg ga zorg ik natuurlijk ook niet goed voor mijzelf. Meestal heb ik dan ook allerlei ‘slachtoffer’ gedachten: Waarom doen zij nu niet….. Waarom moet ik nou altijd…. Oftewel: ik plaats het ‘probleem’ buiten mijzelf. Het zijn de anderen die moeten veranderen, maar ik niet. Want ik doe al zoveel. En ik geef en doe al zoveel voor hun. Waarom zien zij dat nou niet….

Iedereen is anders

Het zijn wel heel begrijpelijke en normale reacties, maar ze zijn niet effectief. Een valkuil waar ik in stap is dat ik er vanuit ga dat de ander net zo is en denkt als ik. En dat is niet zo. Ik ben geworden wie ik ben, enerzijds door mijn aanleg en anderzijds door de ervaringen en de betekenissen die ik aan die ervaringen heb gegeven. We hebben daarin allemaal een verschillende aanleg en achtergrond en ook allemaal andere dingen meegemaakt. Daarom ook zijn er geen twee mensen 100% hetzelfde. Zelfs eeneiige tweelingen niet. Hun aanleg is misschien identiek, maar ze worden verschillend behandeld en maken toch ook verschillende dingen mee en groeien daardoor toch verschillend op.

Hoe dan wel?

Hoe kan ik wel goed voor mijzelf en voor de ander zorgen als ik de behoefte heb om gezien en gehoord te worden? Want gezien en gehoord worden is een heel normale en veel voorkomende basisbehoefte van mensen, net als bijvoorbeeld de behoefte aan verbinding, veiligheid en variatie.

Trigger

Als ik goed voor mijzelf en mijn behoefte wil zorgen is het belangrijk dat ik mij bewust ben of word of ik gezien en gehoord word, en een ‘dingetje’ of een ‘trigger’ heb. Dat ik mij realiseer dat er onder het probleem in de werkelijkheid nu, misschien nog een ander ouder ‘probleem’ schuilt. Werd ik vroeger misschien ook niet gezien of gehoord? Moest ik altijd schreeuwen om aandacht? Nee, hoor ik besloot om mij aan te passen, omdat mijn ouders het al zo moeilijk hadden en met mijn zusje. En besloot ik daarom dat ik maar beter mij aan kon passen om mijzelf niet te laten zien, horen of gelden. Wat het ook is, het is belangrijk dat ik mij daar bewust van ben. Wat maakt dat ik mij zo verdrietig, boos of geïrriteerd voel omdat zij mij even niet zien of horen, deden ze er maar naar informeren. Daar ligt mijn ‘echte probleem’. Maar dat, dit zo belangrijk is? Zonder dat ik er bewust van ben kan ik het niet veranderen. Ieder veranderingsproces vraagt allereerst om bewustwording van wat niet gaat zoals ik graag wil dat het gaat.
Als ik mij bewust ben geworden dat ik een trigger heb om niet gezien of gehoord te worden dan kan ik het volgende doen: Het is belangrijk dat ik met mijn aandacht naar het onderliggende pijnlijke kindgevoel ga. En dat ik bereid ben om te voelen en te ervaren wat gevoeld en ervaren moet worden. Wanneer ik dat doe, dan kan ik gemakkelijker een passende reactie vinden en verzet ik mij niet langer meer tegen wat ik voel. Herken het en laat het er zijn. Gewoon heel even, een kwartiertje of zo voelen wat ik voel en wat gevoeld wil worden. Vraag dan ook aan het kind in mij wat het nodig heeft van mij. En geef het aan haar. Mijn ouders gaan dat nooit meer voor mij doen. Ik ben daar nu als de volwassen variant, nu zelf verantwoordelijk voor.

Ik wil dat gevoel niet…

Vaak hebben we aangeleerd om het vervelende gevoel dat we ooit als kind hebben ervaren niet te willen voelen. We zetten er weerstand op en in feite luister je dan zelf als de volwassen jij niet naar jezelf en het kind in jezelf. Dat wat mijn ouders of andere opvoeders vroeger bij mij deden doe ik nu bij mijzelf… En daar wordt het niet beter van. Integendeel. De pijn van dat kindstuk in mijzelf, die oude pijn ligt opgeslagen in iedere cel van mijn lichaam. En mijn lichaam reageert onmiddellijk in vergelijkbare situaties. Of ik dat nu leuk vind of niet. Het ontkennen en er weerstand op inbrengen, maakt het alleen maar vervelender.

Voel gewoon wat je voelt

Ik zal ontdekken dat door mijzelf toe te staan te voelen wat gevoeld wil worden er steeds meer van de lading af gaat. De intensiteit neemt af en de frequentie van het gevoel neemt af. Waardoor ik langzamerhand steeds minder gevoelig word voor deze situaties in de buitenwereld. Het wordt dan ook steeds gemakkelijker om beter voor mijzelf te gaan zorgen. Want als ik leer kijken naar mijzelf en het kind in mijzelf door de ogen van een volwassene dan weet ik dat ik niet meer alleen dat kind ben. Ik ben nu ook een volwassene die zelf mag en kan bepalen of en zo ja, hoe ik mijn behoefte in vul. Ik ben daarin minder afhankelijk van mijn opvoeders. Destijds was ik voor mijn veiligheid en overleven afhankelijk van mijn ouders en was het misschien te onveilig voor mij om mijn ruimte in te nemen. Nu bepaal ik zelf wat ik wil dat er in mijn leven gaat. Mocht er nog wel grote afhankelijkheid van mijn ouders zijn, dan wordt het zaak die eens onder de loep te nemen en in mijn volwassenheid te gaan staan.

Zo binnen zó buiten

Wat ik mij misschien niet voldoende bewust ben is dat onderliggend het nu gaat over dat ik niet naar mijzelf luister. Ik gedraag mij nog steeds als die vijf jarige (of hoe oud ik ook maar was toen het patroon ontstond), en verwacht dat papa en mama mij alsnog gaan geven wat ik nodig heb. Maar dat gaat niet gebeuren. Ik zal zelf de verantwoordelijkheid moeten nemen voor mijn gevoelens en behoeften. Daarom ook is de vraag: Wat is de boodschap van het gevoel? Mij niet gezien of gehoord voelen betekent vrijwel altijd dat ik op een bepaald punt in mijzelf en mijn leven niet goed voor mijzelf zorg. Met de vinger naar de buitenwereld wijzen gaat dat niet oplossen. Goed voor mijzelf leren zorgen wel.

Benoem je gevoel

En wil ik dan toch in die buitenwereld mijn punt maken, benoem dan gewoon mijn gevoel. Zeg tegen de ander dat ik mij boos of verdrietig voel. Dat het voor mij belangrijk is dat hij of zij nu even naar mij luistert. In plaats van weg te lopen of de ander te overladen met allerlei niet ter zake doende oordelen, waardoor ik toch niet krijg waar ik behoefte aan heb.

Dat werd puzzelen

Standard

Om een puzzel op lossen, is het van belang zoveel mogelijk stukjes van die puzzel binnen handbereik te hebben. Ontbreekt er een stukje, dan zou je kunnen improviseren, maar ontbreken er meer, dan bestaat de kans dat het eindresultaat niet is wat ik ervan had verwacht. [Ik neem vrijwillig deel aan de Zomerspelen in Dongen en neem er zelfs vakantie voor op. De 59e Zomerspelen en samen met 3 andere smeermoeders verzorgen wij als team de lunch voor de leiding en toneelgroep van groep7/8. Wil je meer lezen hierover neem een kijkje op https://www.dongensejeugdraad.nl/%5D
Verder met puzzelen. Mijn onzichtbaar ziek zijn is altijd aanwezig. Hierdoor moet ik een keuze maken die zó tegen mijn gevoel in gaat. De puzzel vraagt om een stukje te leggen, waarvoor ik tijdelijk wel eerst nog een stapje terug moet doen en die stap kan ik nu juist even niet aan. Want de vermoeidheid overheerst mijn doen en laten momenteel behoorlijk. Zoveel zelfs, dat ik besloten heb voorlopig even elke inspanning te vermijden. Ik moet naar mijn lichaam luisteren en zal de afsluiting van de zomerspelen in de bergen moeten missen. Confronterend, maar misschien wel de enige manier om dat belangrijke puzzelstukje weer terug te vinden: de kracht om een terugval op te vangen, zodat ik daarna dat allerbelangrijkste stukje, die van kwaliteit van leven, ook weer op z’n plek kan leggen.
Naast praktische oplossingen, waarbij mijn hubby ook mijn planner in mijnleven en onzichtbaar ziek zijn is en mij zegt: “Eerst wat eten, Urs dan naar bed en ik roep jóu om 19u” De kans dat ik daadwerkelijk te moe ben is namelijk zo groot, weet ik uit ervaring. En dat was het, hubby roept mij om 19u en ik voel dat het niets wordt, Jammergenoeg. Ik heb in de jaren dat gemis kunnen overwinnen en mijn rust weet ik te pakken, nu komt er misschien ruimte voor een kleine terugval ipv wekenlang last. Dan kan ik toch nog dat belangrijke stukje leggen, waarmee ik de verbinding maak met de rest van de puzzel. Ondertussen wordt er gezocht naar andere stukjes van de puzzel, waarmee mijn afsluiting en deze puzzel compleet kan worden gemaakt. En die was er, dat filmpje stond vrij snel online en liggend op de bank neem ik mijn mobiel in de hand en kijk ik naar de afsluiting van Zomerspelen 2019. Nu is dat hele belangrijke, ontbrekende puzzelstukje goed passend gemaakt.

Dagen lange hitte

Standard
*Merel Morre;
Attentie. Er is ‘n hittegolf gesignaleerd. Haal niet in, blijf in je hangmat liggen en hou het hoofd koel.
Daar waar Nederland in de ban is van de hittegolf heeft mijn lijf last van een andere golf. Ik doe het erg goed op warmte. Beter dan op kou in ieder geval, maar dit jaar gaat deze vlieger blijkbaar niet op.
De eerste warme dagen voelde ik mij prima. Minder pijn, meer energie. Tot er anderhalve dag geleden ofzo vocht in de lucht kwam. Ik realiseerde me niet eens dat dat het was, maar toen het weer en de luchtvochtigheid ter sprake kwam viel bij mij het kwartje. Ik kan er slecht tegen, ik heb het liefst droge warmte, mijn gewrichten ook. Hoge luchtvochtigheid leidt tot meer pijn en slechte nachten. Dit gecombineerd met een voor mij druk programma is de jackpot.
‘Doe dan ook niks muts’, ik hoor het je denken. Waarom al die drukte als je best weet dat je gewoon lekker in de tuin moet blijven liggen. Boekje erbij, flesje water, genietend van het weer…
Tja, dat hoofd hè, het zit me weer danig in de weg. Er spelen een aantal dingen. Naast mijn werk gewoon de leuke dingen doen en meestal in mijn eentje. De meeste mensen denken bij eenzaamheid aan oudere mensen, niet aan deze goedlachse vrouw. Toch is ook dit positieve mens regelmatig eenzaam, nu niet masaal bij mij aan komen kloppen, dat trek ik niet. Ik ben te moe….
Op eenzaamheid lijkt een taboe te rusten. Eenzaamheid lijkt sneu, maar het is voor veel chronisch zieken een realiteit. Een realiteit waar je, vind ik, open over mag zijn. Ik neem mensen (meestal) niets kwalijk, maar mijn leven is zo anders dan dat van de meeste anderen. Waarom zouden we dit moeten verzwijgen? Waarom ben je ‘sneu’ als je gezelschap mist? Ik ben niet zielig, maar ja, soms wel eenzaam, omdat ik moet dóór mijn lijf rust te geven. Reden genoeg om ook dit onderwerp niet te schuwen.
Ik moet de dingen doen die moeten, zoals werken, afspraken nakomen. Hoe leuk ik het ook vind, het kost me bakken energie in die hitte en de boete volgt altijd. Zo ook nu, mijn lijf schreeuwt en ik schreeuw terug. Vanuit mijn tenen gil ik dat het me nu even met rust moet laten, maar mijn lijf is net zo standvastig als mijn kop en luistert dus niet. Ik probeer er, zoals altijd, het beste van te maken. Ik probeer zoveel mogelijk rust in te plannen tussen de dingen die ik moet (eh wil) doen.
Ook lig ik braaf op de avond op de bank terwijl wij tv kijken (al heb ik daar een bloedhekel aan) de warmte kan niet weg naast mijn opvliegers en toch doe ik mijn best dankbaarheid te laten overheersen. Ik ben namelijk ontzettend dankbaar voor zijn begrip en het is goed dat ik mij daar bewust van ben. Geluk zit in de kleine dingen, een golf van geluk overstijgt mijn pijn.
Golven van geluk, afgewisseld met golven van pijn. In mijn oren klinkt het ruisen van de zee (al ruist die nu wel heel overheersend), ik sluit mijn ogen en waan mij daar. Ik pas me aan, laat het maar over mij heenkomen. Ook deze golf gaat voorbij…
*Merel morre;
hoe de zee
toch steeds
het strand
weer kust
en kust
en kust

Ksst ksst, opdonderden

Standard

Lig ik weer te puffen in mijn bed. Niet omdat ik net een lekkere vrijpartij achter de rug hebt, maar vanwege een gigantische opvlieger.

Allemachtig, wat heb ik het daarmee gehad. Gek word ik ervan. Ze teisteren me nu al jaren en ik vind dat het maar eens afgelopen moet zijn. Het is toch een schandaal dat vrouwen zo moeten lijden. Eerst worden we elke maand ongesteld. Zo’n veertig jaar achter elkaar, maand in maand uit, sommige zelfs vijf dagen lang.

En alsof dat al niet vervelend genoeg is, hebben we last van hormonale schommelingen die ervoor zorgen dat we achter elkaar drie repen chocola verslinden, twaalf lelijke fotolijstjes kopen bij de Blokker, smijten met de wasmand of gillende ruzie maken met onze mannen. En dan moeten we ook nog kinderen baren, iets wat volgens Daphne Deckers te vergelijken is met een tennisbal door je neusgat duwen. Ga er maar aan staan. En zijn de kinderen eenmaal gebaard en de bloedingen gestelpt en denk je eindelijk een beetje welverdiende rust te krijgen, word je overvallen door de menopauze. En die gaat gepaard met de meest uiteenlopende klachten: van depressie en incontinentie tot slaapproblemen en hartkloppingen. In mijn geval ook nog een gekmakende jeuk op mijn benen, rug en hoofd. En opvliegers natuurlijk, heel veel opvliegers. Er zijn vrouwen die daar nooit vanaf komen.

En kom nu niet aan met het verhaal dat er vrouwen zijn die er helemaal geen last van hebben, want ik heb er nog nooit een ontmoet. Sterker nog, ik denk dat vrouwen die beweren dat ze fluitend door de menopauze wandelen, gewoon niet willen toegeven dat ze er last van hebben omdat ze bang zijn oud en klagerig over te komen. Ze vinden de overgang ‘niet sexy’ en met ‘niet sexy’ willen ze absoluut niet geassocieerd worden. Stel je voor zeg, dat je als vrouw niet meer sexy bent, dan kun je net zo goed dood zijn. Allemaal onzin natuurlijk, maar je zal het maar denken.

Om nog maar te zwijgen van de dames die ervoor pleiten de overgang te zien als een spirituele fase. Een vriendin heeft er zelfs een boek over gekocht. Ik citeer: ‘de overgang is je kans om van binnen héél te worden. Het gaat om het temmen van je innerlijke draak. Als je daarmee aan de slag gaat, krijg je de energie terug van het kind dat je eens was, maar mét de kracht en intuïtie van de wijze, oudere vrouw.’

Nou ja zeg, daar heb ik echt wat aan als ik puffend uit het raam hang of tijdens mijn werk lijkt of ik in een sauna zit, zo warm en bezweet. In het boek staat ook dat ik aan het werk moet met mijn zeven chakra’s. Sorry hoor, maar daar heb ik al helemaal geen zin in. Ik heb wel wat anders te doen. Werken bijvoorbeeld, of lachen met vriendinnen of genieten van een mooi boek of een nieuwe Netflix-serie. Ik wil geen chakra’s koesteren, ik wil gewoon dat mijn opvliegers eindelijk eens opdonderen. Kssst kssst, donder op.

Met dank aan het magazine Saar en een beetje van mijzelf, Sarah

50+

Voller dan vol

Standard

Het is weer bikinitijd (badpak voor mij). Vol verbazing las ik een blog en de reacties op een artikel over het gewicht op sociale media. Ik weet het, ik kan beter geen reacties lezen, maar ik kan het om de een of andere reden ook niet laten. Blijkbaar heb ik dit nodig om tot mijn eigen mening te komen.

M (voor de privacy ) poseert in badpak en noemt zichzelf met haar maat 42 een plussize model. Hier in Nederland ben je dit al vanaf maat 40, zo lees ik. De reacties op dit stuk variëren van ‘prachtig lichaam’ tot ‘mooier dan een zak botjes’. Bijzonder, over de ergste volle personen mag je eigenlijk niets zeggen, die blikken zeggen genoeg wanneer men naar hen kijkt en de minder volle personen mag je blijkbaar wel afvallen als vrouw. Ik lees ‘zak botten’, ik lees ‘botjes tellen’ en ik lees ‘catwalk scharminkel’. Verder lees ik dat alleen ‘valse nichten niet van volle vrouwen houden’.

Wat is dat toch, dat eeuwige gezeik over het vrouwenlichaam. Vrouwen hebben een diepgewortelde onzekerheid over hun lijf en het begint al in de pubertijd. Ik kan hierover meepraten; vanaf een jaar of veertien voelde ik mij te dik. Ik was helemaal niet dik, ik was normaal. Niet vol, niet mager, gewoon normaal. Een standaard maatje achtendertig, niet teveel tiet, niet teveel kont. Dat niet teveel tiet werd me overigens constant ingewreven door een school-genoot. ‘De erwtjes op een plank’, hoe maak je een puber onzeker? Mijn omgeving was ook heel erg bezig met hun uiterlijk of dat van een ander te bekritiseren, dat maakte het mij niet gemakkelijk.

Het heeft me veertig jaar gekost om een beetje zelfvertrouwen op de bouwen betreffende mijn lijf. Iedere zwangerschap gaf mij 1 cup meer tiet (en extra kilo’s buik), dus in dat opzicht zal ik niet klagen, het zijn gelukkig geen meloenen, maar ik ben de erwtjes allang voorbij (en trouwens wat is daar mis mee?).

Nog steeds ben ik niet echt veel te zwaar, maar zeg dat maar eens tegen mijn hoofd. Mijn spiegelbeeld geeft standaard tien kilo meer weer vanuit dat oogpunt. Ik pas niet meer in mijn maatje achtendertig wel nog steeds in tweeenveertig en vind mezelf bij vlagen nog steeds te zwaar.

Ik ben normaal, net als de meeste dames onder ons én de meer voluptueuze dames. Wij vrouwen komen namelijk (net als mannen) in allerlei soorten en maten voor. Die variatie is fijn, we zijn geen eenheidsworst. Plussize, min(i)size en de ‘tween-size’, te dun voor de plus en te dik voor de min(i). Gewoon, zoals we horen te zijn, zonder stempel van de vleeskeuringsmaffia.

Foto: gemaakt door kleindochter Tess 4 jaar!

Moederdag,

Standard
Mijn kleindochter van bijna 5 kan niet wachten op het moment dat zij grote zus wordt en ook een beetje mama oefent nu met haar babypop. Mijn schoondochter geniet van haar 2e zwangerschap en is zo goed als op de helft om weer een keer moeder te worden. Ik, moeder van 2 prachtige jongens weet nog goed dat hun voor het eerst ‘mama’ zeiden en ondertussen het misschien wel miljoenen keren hebben gezegd tegen mij. Mama is voortaan ook al moeke. Dat kleine lieve woordje staat voor zo veel. En dat woordje vieren we met Moederdag. Elk jaar opnieuw vind ik het leuk, een luchtig klein feestje. Néé, niet de cadeaus daar draait het niet om. Het liefst zou ik met z’n allen gewoon aan onze tafel zitten met een lekker stuk appel-

of aarbeientaart en maar kletsen. Bijpraten en vooral genieten van elkaar. Hopelijk schijnt de zon dan ook en is het voor mij al een geslaagd feestje. Het lijkt zo gewoon maar voor veel vrouwen is het moederschap helemaal niet vanzelfsprekend. En dan is het Moederdag en dan ben je zelf geen moeder. En je had het zó graag willen zijn. Dat doet pijn en dat blijft pijn doen. Ook als je vriendinnen die moeder zijn oma worden. Nieuwe pijn. Vaak schuilt er in al die vrouwen een schat van een moeder. Ze zijn fantastisch voor neefjes en nichtjes en vooral lief voor hun eigen moeder. Ze zijn voor hen onmisbaar en dat vind ik ook ‘moeder’ zijn.